“Soumission”

Soms kun je je afvragen of je je wel zo druk moet maken om wereldse zaken als politiek. Leiden kranten en televisie niet te veel af van zaken die er werkelijk toe doen? En krijgen we zo niet een wereldbeeld opgedrongen dat soms ver van de werkelijkheid staat? Op 7 januari 2015 leek de werkelijkheid het beeld in te halen dat Michel Houellebecq in zijn nieuwste boek “Soumission” (onderwerping) schetste van een Frankrijk over een kleine 10 jaar dat zich onderwerpt aan de Islam. Het boek heeft vooral het bankroet van de libertijnse Westerse maatschappij tot onderwerp. De maatschappij die individuele vrijheid als ultieme maatstaf aanneemt en zo ontspoort in een egoïstische samenleving. In het Frankrijk van dit boek vindt in het jaar 2022 een politieke strijd plaats bij de presidentverkiezingen tussen een kandidaat van de partij van de Franse moslimbroeders, die wordt gesteund door de gevestigde linkse en rechtse partijen, en Marine Le Pen, de kandidate van het extreem-rechtse Front National. Het land staat ten tijde van deze verkiezingen op de rand van een burgeroorlog, maar de rust keert terug nadat de kandidaat van de moslimbroeders, “Mohammed ben Abbas”, de verkiezingen wint en met geld van Saoedi-Arabië de rust in het land als het ware afkoopt. Dan begint de geleidelijke (politieke en seksuele) onderwerping van Frankrijk aan wat voor christenen (maar niet voor joden!) een milde vorm van de Islam lijkt. De verteller in het boek, “François”, een Parijse hoogleraar die op Joris-Karl Huysmans (1848-1907) is gepromoveerd, ondervindt deze onderwerping aan den lijve als de universiteit waar hij werkt met geld van een Saoedische prins een Islamitische universiteit wordt. Een deel van de hoogleraren past zich aan en wordt moslim. Zo behouden ze hun baan, profiteren ze van de hoge door de prins gefinancierde salarissen en mogen ze meerdere vrouwen nemen, die voor hen geselecteerd worden door een Islamitisch huwelijksbureau. Vrouwen verliezen hun baan en onderwerpen zich op straat aan een andere manier van kleden (geen rokken bijvoorbeeld). De joodse vriendin van François, Myriam, verlaat met haar ouders Parijs en vestigt zich in Tel Aviv. De nieuwe regering verandert het Franse Israëlbeleid en streeft naar opname van de Islamitische landen langs de Middellandse Zee in de EU, waardoor een soort Eurabië ontstaat.

François verlaat aanvankelijk Parijs en leeft vervolgens o.a. in de abdij van Ligugé bij Poitiers waar Huysmans aan het einde van zijn leven oblaat was. Uiteindelijk keert François echter terug naar Parijs en onderwerpt ook hij zich om zijn baan terug te krijgen en om de geborgenheid die hij kwijt raakte met het vertrek van Myriam te compenseren met de vrouwen die de Islam hem belooft. Het verlies van zijn intellectuele vrijheid neemt hij op de koop toe. De samenloop van de verschijning van het boek op 7 januari 2015 met de aanslagen in Parijs op een politieagente, een joodse supermarkt en de redactie van Charlie Hebdo, waar Houellebecq’s vriend Bernard Maris door moslimterroristen werd vermoord, is shockerend (een andere merkwaardige samenloop is dat Houellebecq op de voorkant stond van het laatste nummer van Charlie Hebdo voor de aanslagen). Houellebecq ziet het in een interview echter als toeval. Niettemin ontvlucht hij daags na de aanslagen, net als de hoofdpersoon uit zijn boek, Parijs om op het platteland onder te duiken. Het boek, dat inspeelt op de angst in Frankrijk (en bij ons) voor islamisering, lijkt even werkelijkheid te worden. De promotiecampagne voor zijn boek moet binnen een paar uur vanwege de aanslagen worden gestaakt. Het opportunisme van de gevestigde Franse partijen komt enkele dagen na de aanslagen tot uitdrukking in de stille mars in Parijs waarin deze partijenarm in arm liepen met vertegenwoordigers van dictatoren uit de Islamitische wereld (die in hun eigen land de vrijheid van meningsuiting aan hun laars lappen), terwijl het Front National door de gevestigde partijen werd uitgesloten van deelname aan de mars. Ook de situatie waarin joden zich 70 jaar na de Holocaust opnieuw moeten bezinnen over emigratie lijkt (hopelijk voor maar even) werkelijkheid te worden, nu in Amsterdam synagoges met camera’s en politiewachthuisjes bewaakt worden en joodse scholen zelfs door met geweren bewapende politie. Het beeld dat Houellebecq schetst komt zo dichtbij.

Vlnr: de schrijver Joris-Karl Huijsmans van wie in zijn decadente periode werd gezegd dat hij onder het kruis of door zelfmoord zou eindigen (het werd het kruis); Michel Houellebecq; Bernard Maris en de voorkant van het laatste nummer van Charlie Hebdo voor de aanslag (“voorspellingen van de magiër Houellebecq: in 2015 verlies ik mijn tanden en in 2022 vier ik ramadan!”)

Zelf ziet Houellebecq zijn boek niet als anti-islamitisch. Het past in de lijn van zijn eerdere boeken waarin het opportunisme van Franse politici en vooral de naar (sexuele en politieke) vrijheid strevende Franse ’68-er generatie op de korrel worden genomen. Houellebecq heeft sinds 7 januari maar weinig interviews gegeven. Hij was wel op 23 januari jl. in Keulen vanwege de verschijning van zijn boek in het Duits (in mei verschijnt de Nederlandse vertaling van zijn boek onder de titel Onderworpen). Daar verdedigde hij de vrijheid van meningsuiting, maar nam hij afstand van de Franse politiek en van cartoons in Charlie Hebdo waarin de paus op de hak werd genomen. Hij bezocht de begrafenis van Bernard Maris, maar liep zelf niet mee in de Parijs mars. Net als in het leven van Joris-Karl Huysmans, dat de tweede lijn in het boek vormt, blijft de ware rol van het katholicisme in zijn leven in het midden. Interessant is om te volgen hoe Houellebecq als mens en als schrijver verder zal gaan. Zal hij in zijn werk de 68-er generatie en haar libertaire idealen blijven kritiseren? Blijft hij in zijn boeken en interviews ongrijpbaar voor zijn critici of zal hij zich (op het laatst) als katholiek schrijver openbaren (of viert hij in 2022 Ramadan, zoals in de cartoon uit Charlie Hebdo hierboven satirisch wordt voorspeld?)

Maurice Essers