Stille Omgang

In de nacht van 17 op 18 maart vindt weer de jaarlijkse Stille Omgang plaats, de bidweg die al vele jaren door jong en oud wordt gelopen. De omgang wordt voorafgegaan door een Mis in één van de kerken van onze stad. Daarna begint de tocht vanaf het Spui via de Kalverstraat naar de Dam. Officieel bidt men in de Kalverstraat voor de middenstand, op de Dam en de Nieuwendijk voor de koningin en de regering, langs het Centraal Station voor de zeevarenden en reizenden en op de terugweg door de Warmoesstraat voor degenen die God niet kennen en langs de Dam en door de Nes voor de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Vanaf de Nes tot het Rokin wordt gebeden voor de kerk, de paus en de eenheid van christenen en bij de rondgang rond de plaats waar vroeger de Heilige Stede stond bindt men voor eigen intenties. De omgang wordt op het Spui afgesloten.

Links: de route van de Stille Omgang
Midden: overzicht van de vele voormalige kloosters langs de route in de Nes (Margrietenklooster, Claraklooster,Maria Magdelaklooster, Barbaraklooster, Cellebroedersklooster en Mariaklooster)
Rechts: vaandel Stille Omgang

In de praktijk zullen de gedachten van de bedevaarders wel eens afdwalen van dit officiële programma en zal ieder zo zijn of haar eigen intenties hebben. De stilte van de tocht nodigt uit tot meditatie, bijvoorbeeld over het jaarlijkse thema van de Stille Omgang. Dit jaar is dat Passie voor de Eucharistie. Daarmee wordt een verbinding gelegd met het Mirakel van Amsterdam, het wonder dat in 1345 in de Heilige Stede plaatsvond dat met de Stille Omgang wordt herdacht, en met Pasen. Ik heb de bidweg een aantal keren gelopen, waarbij ik me steeds stiekem aansloot bij gezelschappen uit dorpen met namen als Nibbixwoude, Aarlanderveen of Rijnsaterwoude die op het Spui uit bussen stappen. Als de omgang is voltooid neem ik dan diep in de nacht in stilte afscheid van zo’n gezelschap dat zwijgend weer in de bus stapt, nagestaard door Amsterdamse nachtbrakers en dronken toeristen die zich even later afvragen of die wonderlijke stoet droom of werkelijkheid was. Andersom zullen de Nibbixwouders ook zo hun gedachten hebben, als zij voldaan huiswaarts keren.

Bidden kan altijd en overal

Lange tijd werd de Stille Omgang door tienduizenden deelnemers gelopen. Ook het Internationale Eucharistisch Congres, dat in 1924 in Amsterdam plaatsvond ter aanbidding van de Eucharistie, trok vele duizenden bezoekers naar Amsterdam. Het congres werd voorgezeten door de Redemptorist, kardinaal Van Rossum, wiens bronzen buste in het Begijnhof te zien is. Ongetwijfeld zal hij bij die gelegenheid onze OLV kerk bezocht hebben met het bijbehorende Redemptoristenklooster.

Vlnr: poster van Jan Toorop voor het Internationale Eucharistisch Congres van 1924, buste van kardinaal Van Rossum in het Begijnhof en stadion (Olympiaplein) waar de diverse manifestaties tijdens het congres in 1924 plaatsvonden

De tijd van de katholieke massademonstraties lijkt weliswaar voorbij, maar bidden kan altijd en overal. Voor katholieken in de Mis of als meditatie thuis of in een kerk of kapel. Zo wordt deze maand in de Veertigdagentijd in de Boomkerk in Amsterdam-West gemediteerd over thema’s als lijden, verlossing en vergeven in het licht van Jezus’ lijden. Die meditatie is, net als het thema van de Stille Omgang, een voorbereiding op Pasen. In onze kerk is er in dezelfde periode de cursus van Hans Schouten over het evangelie volgens Matteüs met o.a. een lezing over Passie en Eucharistie.

Getijdengebed

De route van de Stille Omgang leidt langs plaatsen waar in de Middeleeuwen kloosters stonden. In de Nes waren er zelfs zoveel kloosters (zie de tekening hierboven) dat een steegje daar later de naam ‘Gebed zonder End’ kreeg. In deze kloosters werden op vaste tijden (metten, lauden, priem, terts, sext, noon, vespers en completen) door de kloosterlingen de getijden gebeden om Christus na te volgen. Of je anno 2012 nog gemeenschappelijke getijdengebeden in een Amsterdams klooster kunt horen, betwijfel ik. Dat kan in elk geval wel met een retraite in één van de kloosters in de omgeving van Amsterdam. Ik heb zo een retraite zelf wel eens (lang geleden) gedaan in het klooster St. Benedictusberg in het Zuidlimburgse Vaals en (meer recent) in het Norbertijnerklooster in het Belgische Averbode. In Vaals kan men als gast, net als in het Benedictijnerklooster Egmond, bij de getijden aanwezig zijn; bij de Norbertijnen blijft dit beperkt tot lauden, Eucharistieviering en vespers.

Norbertijnen van Averbode zijn één van de oudste en grootste kloostergemeenschappen in België met veel jonge kloosterlingen. De Norbertijnen hebben hun eigen liturgie met een eigen vorm van Gregoriaans. Een mooie periode voor verblijf in deze prachtig in de bossen gelegen abdij zijn de dagen rond Koninginnedag en 1 mei. Op 1 mei fietsen de Norbertijnen naar hun Mariaheiligdom, de basiliek van Kortenbos om het begin van de Mariamaand te vieren, maar ook het Mariaheiligdom van Scherpenheuvel, waar die dag duizenden pelgrims samenkomen, bevindt zich op fietsafstand van de abdij. Niet alleen mannen maar ook dames en echtparen zijn er als gast welkom

Hoe of waar u zich ook voorbereidt, ik wens u veel inspiratie toe in de veertigdagentijd naar Pasen.

Maurice Essers