Gevelstenen rond Jordaan en Begijnhof

In de tijd dat er nog geen huisnummers waren, werden huizen aangeduid aan de hand van de gevelstenen die de voorgevel sierden. De meeste gevelstenen zijn tussen 1500 en 1800 als huistekens aangebracht. Amsterdam behoorde in die tijd tot de grootste steden ter wereld en is tot op heden met ongeveer 850 gevelstenen in deze tak van sport wereldkampioen gebleven. De stad die na Amsterdam de meeste gevelstenen heeft is – op respectabele afstand – Maastricht met 250.

Gevelstenen laten zien welk beroep in een huis werd uitgeoefend. In de Egelantiersstraat is de gevelsteen in DE SCHRIJVENDE HAND te zien aan het huis waar ooit een zekere Theunis Wient woonde. Theunis was onderwijzer en schreef brieven op bestelling. De gevelsteen aan het huis van een begrafenisondernemer, de aanspreker, in de Bloemstraat is al eens eerder genoemd. In de Zuidjordaan (Nieuwe Looiersstraat) op de plaats waar een leerlooierij stond is de gevelsteen IN DE NIWE LOEYEREY te zien en in de Noordjordaan werden IN HET VETTE VARKEN vleeswaren verkocht (ik neem tenminste aan dat deze gevelsteen niet op andere kenmerken van de bewoner duidt).

Vlnr: De Schrijvende Hand, De Aanspreker, De Niwe Loeyerey en Het Vette Varken (een slager in de Tweede Goudsbloemdwarsstraat)

Amsterdamse gevelstenen zeggen soms ook iets over het geloof van de bewoners van een huis. Uit de tijd voordat het stadsbestuur protestant werd (de tijd voor 1578) dateert de gevelsteen die de poort naar het Begijnhof siert. Zoals St. Ursula op deze steen onder haar mantel de maagden van haar legende beschermt, zo beschermde de gevelsteen de begijnen van het Begijnhof. In het Begijnhof zijn veel oude gevelstenen te zien. Het Begijnhof is niet voor niets eeuwenlang onder het protestantse bestuur een vrijplaats voor katholieken geweest. Een mooie gevelsteen is in Begijnhof 34 te zien, de vlucht uit Egypte. Opvallend is dat vrijwel alle openbare katholieke tekens in die tijd door protestanten zijn verwijderd, maar dat veel gevelstenen hebben overleefd, zoals ook De Annunciatie, een steen die te zien is aan de buitengevel van de Oude Kerk, en de gevelsteen van Sinterclaes op de Dam, waar in de 16e eeuw de jaarlijkse Sinterklaasmarkt werd gehouden.

Vlnr: St. Ursula, boven het oostelijke poortje van het Begijnhof, de Annunciatie (Oude Kerk, voor een mooie annunciatie in de Jordaan kunt u terecht bij de Noorderkerkstraat 11), Sinterklaes (de Dam) en de Vlucht van Egypte (Begijnhof 34)

De gewoonte om een huis te noemen naar zijn gevelsteen bracht mee dat veel katholieke schuilkerken naar gevelstenen zijn genoemd. Zo ontleent de Mozes en Aaronkerk haar naam aan de gevelstenen Mozes en Aaron in de twee huizen die werden samengevoegd tot schuilkerk. En ook De Posthoorn, De Krijtberg, De Boom, Het Stadhuis van Hoorn, De Star, De Zaaier, De Ooievaar en De Papegaai ontlenen hun voor kerken zo merkwaardige (bij)namen aan gevelstenen.

Vlnr: gevelstenen van de oude Amsterdamse katholieke schuilkerken Het Boompje (nav de verbouwing van de kerk in 1730), het Stadhuys van Hoorn (Spuistraat) en Mozes & Aaron.

Hieronder: De Pool, de Ooyevaar (een oud-katholieke kerk bij de Nieuwmarkt) en de Posthoorn

Huizen met gevelstenen uit deze periode (17e- 18e eeuw) met heiligen werden bewoond door katholieken. Dat geldt zeker voor de gevelsteen in de Noorderkerkstraat 14 met de symbolen Geloof, Hoop en Liefde en met een rozenkrans. Dit is wel de meest katholieke gevelsteen van Amsterdam.

Links: Geloof Hoop en Liefden met rozenkrans over het anker. Rechts: Maria met Kind onbereikbaar in top van voorgevel (Begijnhof)

Soms blijkt een ‘katholieke’ gevelsteen slechts de naam van de bewoner te symboliseren. Zo woonde in het huis met de gevelsteen In de Salvaeter niet Onze Lieve Heer maar de koopman Seger Salvator. Vaak ook werd door katholieke middenstanders de patroonheilige van hun gilde afgebeeld. Zo versiert St. Willibrord met een kruisstaf en brouwkuip de gevels van brouwers, St. Lucas die van schilders en St. Crispijn (bijvoorbeeld Laurierstraat 165) de gevels van schoenmakers.

Vlnr: De gloyende oven (drie gelovigen, die weigeren om koning Nebukadnezar te eren, worden in een brandende oven geworpen. Een engel beschermt hen tegen verbranding), In de Salvaeter en St. Willibrordus met biervat en In Emaus (Begijnhof, voorheen Elandsstraat)

In 1795 was het plotsklaps afgelopen met gevelstenen. Dat jaar werden de huisnummers ingevoerd waardoor vanaf dan gevelstenen als huisteken overbodig waren. Gelukkig werd al vroeg de waarde van oude gevelstenen erkend, zodat de gevelstenen van Het Stadhuis van Hoorn, Mozes en Aaron en het Boompje in de nieuwe kerken zijn ingemetseld die in de 19e eeuw op de plaats van de oude schuilkerken verrezen. Ook de gevelsteen van De Posthoorn werd bewaard: de nieuwe Posthoornkerk werd een paar straten verderop gebouwd. Bij afbraak van huizen werden in de 20e eeuw gevelstenen overgebracht naar het Begijnhof, zoals de gevelsteen In Emaus die van Elandstraat naar Begijnhof verhuisde. De toegenomen interesse in gevelstenen heeft ertoe geleid dat sinds kort in Amsterdam weer nieuwe gevelstenen worden gemaakt. Als u wilt kunt u uw huis door een gevelsteen laten sieren en allicht kan die steen zelfs ingezegend worden. Ter inspiratie hieronder een paar moderne gevelstenen (niet al deze voorbeelden lenen zich overigens voor inzegening).

Vlnr: tandarts, accordeonist, gevelstenen (2004) aan de Lindengracht van het katholieke armenkantoor en St. Vitus in het Rijksmuseum

Maurice Essers